Wat heeft een paard nodig? Gids voor voer, stal en verzorging
Een paard kost elke dag tijd: voeren, hoeven nakijken, de stal, de wei, en in de zomer de vliegen. Of je paard op pension staat of in de wei achter je huis, de vragen zijn vaak dezelfde. Hoeveel hooi is genoeg, hoe vaak moet de hoefsmid komen, welke maat halster past. Hieronder staat per onderwerp waar je op let.
Wat heeft een paard elke dag nodig?
De basis is korter dan je denkt: ruwvoer, schoon water, elke dag vrije beweging en gezelschap van andere paarden. Dat laatste wordt vaak onderschat. Het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren noemt paarden groepsdieren die contact met soortgenoten nodig hebben, en een paard helemaal alleen houden mag in Nederland niet. De dagelijkse ronde:
- Ruwvoer verdeeld over de dag, want een paard eet van nature de hele dag kleine beetjes.
- Altijd water, binnen en buiten.
- Vrije uitloop in de wei of op een paddock, met een plek om te schuilen tegen zon, wind en regen.
- Een korte controle op wondjes en een blik op de hoeven.
Controleer de wei op giftige planten en gebruik geen prikkeldraad. Harken, drinkbakken, mestgereedschap en hooinetten staan bij stal en weide. Het volledige aanbod voor paard en pony vind je bij paard.
Hoeveel hooi heeft een paard per dag nodig?
Er is geen vast getal dat voor elk paard klopt: het hangt af van gewicht, leeftijd, werk en wat de wei oplevert. Wat wel voor iedereen geldt, is spreiden over de dag. Het LICG adviseert een paard op stal drie tot vijf keer per dag hooi te geven; lange periodes zonder ruwvoer zijn niet goed voor de maag. Krachtvoer, dus brokken of haver, is alleen nodig bij een paard dat regelmatig stevig werkt, en pony's hebben er minder van nodig. Overleg bij twijfel met je dierenarts.
Eet je paard het hooi te snel op, dan helpt een hooinet of slow feeder. Let op de maaswijdte: grote mazen remmen weinig, fijne mazen flink, en wie voor het eerst uit een net eet begint makkelijker ruim. Hang het net niet te hoog, zodat je paard met het hoofd omlaag kan eten. Kijk hooi na op jacobskruiskruid, want die plant kan de lever blijvend beschadigen.
Meer kauwtijd lost ook verveling op. Staat je paard meer binnen dan het gewend is, dan zie je dat terug: aan de box knabbelen, heen en weer lopen, onrustig bij het voeren. Naast een fijner net helpt iets om uit te zoeken, zoals een knabbelblok van hooi of luzerne, een luzernetouw aan de box, een snuffelmat met voer erin of een speelbal. Dat staat bij spelen en belonen, en snoepblokken en koekjes bij paardenvoeder. Houd die klein, reken ze mee in de dagelijkse portie en wissel af, want een snuffelmat die er altijd ligt is na een week niet interessant meer.
Stal en wei: uitmesten, strooisel en water
Een schone, droge stal met frisse lucht en zonder tocht scheelt veel. Een box die de hele dag bezet is, mesten veel mensen dagelijks uit; staat je paard vooral buiten, dan gaan de natte plekken er dagelijks uit, met een grotere ronde per week.
Voor strooisel gebruiken veel mensen stro, vlas of houtkrullen. Zaagsel wordt afgeraden vanwege het stof, en een paard dat te veel stro eet kan verstopping krijgen; dan zijn vlas of krullen rustiger. In de wei gaat vooral in de winter het water mis, want een bevroren bak is net zo goed geen water. Over de wei in het najaar schreven we eerder kort gras, modder en doorweiden in de herfst.
Hoe vaak poets je een paard?
Dagelijks even is prettiger dan een keer per week lang. Je haalt zand en modder weg, voelt bultjes en warme plekken op tijd, en houdt de plek waar zadel en halster komen schoon.
Welke spullen je pakt, hangt af van het seizoen. In de rui komt er met een roskam veel meer los dan met een zachte borstel. Een manenkam haalt klitten eruit zonder haar uit te trekken: begin onderaan en werk naar boven. Een zweetmes haalt zweet of regenwater er na het werk snel af, zodat je paard niet afkoelt in een natte vacht. Kammen, roskammen, sponzen en zweetmessen vind je bij huid, haar en manen.
Helemaal wassen hoeft niet vaak: de vacht bevat vet dat je paard beschermt en dat spoel je er met shampoo deels uit. Een paar keer per jaar is voor de meeste paarden genoeg, op een warme dag en daarna goed afdrogen. Shampoo, bitschijven, spray en wondverzorging staan bij verzorging. Ga bij hardnekkige huidklachten, zoals mok of zomereczeem, langs je dierenarts.
Hoeven uitkrabben, de hoefsmid en leer
Krab de hoeven dagelijks uit, of in elk geval voor en na het rijden. Je haalt steentjes weg die kreupelheid kunnen veroorzaken en ziet een probleem in de straal vroeg. Het LICG adviseert je paard elke zes tot acht weken door de hoefsmid te laten bekappen of beslaan. Wacht daar niet mee. Meer over hoeven in het natte seizoen staat in gezonde hoeven in de herfst.
Hoefvet en hoefolie zijn geen vervanging voor de hoefsmid; ze helpen vooral bij het vasthouden of weren van vocht. Wat past, hangt af van weer en ondergrond, dus vraag je hoefsmid.
Leer vraagt hetzelfde: na gebruik afnemen, geregeld zadelzeep gebruiken om zweet en zand eruit te halen, en daarna invetten zodat het soepel blijft. Zeep reinigt, vet voedt; die twee doen niet hetzelfde. Zadelzeep, leervet en hoefproducten staan bij lederverzorging.
Halster, deken en vliegenmasker: welke maat?
De maten lopen van shetland of mini via pony en cob naar full en extra full. Welke past, zie je niet aan de schofthoogte; het gaat om de vorm van het hoofd. Meet de neusrug en de omtrek van de neus en vergelijk met de maattabel op de productpagina. Een halster hoort niet te knellen en niet over het oog of in de mondhoek te zitten. Halsters, touwen en dekens staan bij halsters, dekens en dekjes.
Bij dekens is "wanneer gaat de deken op" minder vast dan veel mensen hopen. Een geschoren paard, een oud paard of een paard dat net van stal naar de wei gaat, heeft eerder iets nodig dan een paard met een volle wintervacht en een goede schuilplek. Regen en wind koelen harder dan droge kou. Voel onder de deken bij de schouder; klam of warm betekent te zwaar.
Een vliegenmasker koop je op dezelfde manier: op de vorm van het hoofd, met de ogen vrij en niet tegen de wimpers. Of je een variant met neusflap of oren wilt, hangt af van waar je paard last heeft. Maskers, sprays, insectenlampen en vliegenvallen voor de stal vind je bij vliegen, dazen en teken. Lees bij sprays en biociden altijd het etiket voor gebruik.
Veelgestelde vragen
Heeft mijn paard een liksteen of extra zout nodig?
Een paard verliest zout via zweet, dus er moet zout in het rantsoen zitten. Of er daarnaast een liksteen bij hoort, hangt af van wat ruwvoer en brok al leveren. Veel mensen hangen een blok op zodat het paard zelf kan bijpakken. Kijk op het etiket en vraag bij twijfel je dierenarts. Liksteenhouders en likblokken staan bij supplementen.
Wanneer zijn elektrolyten zinvol?
Elektrolyten vullen aan wat een paard via zweet kwijtraakt, bijvoorbeeld na hard werken of op warme dagen. Voor een paard dat rustig in de wei staat, zijn ze meestal niet nodig. Ze bestaan als poeder, pellets en vloeibaar; wat werkt, hangt af van wat je paard wil opnemen. Volg het etiket en zorg dat er water bij staat.
Kan een paardendeken in de wasmachine?
Soms wel, soms niet; het waslabel bepaalt dat. Wasverzachter en hoge temperaturen halen de waterafstotende laag eruit, en grote dekens passen vaak niet in een gewone machine. Veel mensen brengen de winterdeken daarom naar een dekenwasserij.
Wat heb je als ruiter zelf nodig?
Een goed passende cap en laarzen of chaps met een hak zijn het belangrijkste, plus rijbroek, handschoenen en sokken die niet in de laars kruipen. Een zweep is hulpmiddel, geen straf, en kies je op lengte zodat je hem met rustige hand kunt gebruiken. Zweepjes, sokken en kniekousen staan bij voor de ruiter.
Begin bij het onderdeel waar je nu tegenaan loopt. Kom je er niet uit, stuur ons een berichtje met de maat of schofthoogte van je paard; dan zoeken we het samen uit.
Bronnen: LICG, huisdierenbijsluiter Paard. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, Goede zorg voor uw paard.